theater

Barbara Duifjes en het alchemisme van Jan Svankmajer (1998)

 

Waardenberg & De Jong en de onmacht om elkaar te begrijpen (1997)

Een gesprek met de theatermakers Martin van Waardenberg en Wilfried de Jong moet beginnen met een medisch bulletin. De ongelukken die het Rotterdamse duo de afgelopen tien jaar heeft gehad, zijn onvergelijkbaar in de Nederlandse theatergeschiedenis. Brokkenpiloten zijn de twee echter niet. De letterlijk halsbrekende toeren die ze op het toneel uithalen zijn nu eenmaal niet zonder risico, een factor die de twee bepaald niet uit de weg gaan.

Peter Handke en het raadsel van de toevallige passant (1997)

Een van de kleine geneugten van het leven is het in de openbare ruimte gadeslaan van de medemens. Liefst op een terras of een druk plein. Bij dit prettige tijdverdrijf maken de sores van de dag plaats voor de verwondering over zoveel onbekende gezichten en de verhalen die daarachter schuil moeten gaan. ’Aapjes kijken’ is beslist stressverlagend en geeft de fantasie de vrije ruimte.

Theo van Goghs Toti in Haags stadhuis (1997)

De Belgische regisseur Sam Bogaerts vond het stadhuis in Den Haag in eerste instantie op een melkpak lijken, maar al tijdens de repetities voor het in het atrium op te voeren multimedia-project Toti raakte hij onder de indruk van het gebouw en de sfeer.
"Het is hier, vreemd genoeg, erg gezellig. Je hebt veel mensen van verschillende rangen en standen, zoals dat zo mooi heet, die zich hier allemaal thuis voelen’’, zegt Bogaerts in de trouwzaal van het stadhuis, waar hij stiekem een sigaretje rookt.

Lodewijk de Boer: "Het kwaad is de basis van ons bestaan." (1997)

"Le Bonheur, een film van Agnes Varda uit 1964, gaat over het absolute geluk. Over een gelukkige familie, mooie mensen met mooie kinderen. Ze wonen in een fraai huis, het weer is altijd mooi, de bomen staan altijd in bloei. Ik herinner me dat ik bij die film zat te wachten tot er iets ergs ging gebeuren", vertelt toneelregisseur Lodewijk de Boer.

Boudewijn Büch: "Mijn leven is één lange herfst." (1997)

Boudewijn Büch vindt het leven een deceptie en hij hoopt dat er niets hierna komt. Hij ziet ook liever een leeg Diligentia, als hij daar volgende week komt optreden. "Je moet ervoor betalen en het valt altijd tegen."

Inhoud syndiceren